“Ik ben ontslagen als HBO docent. Tot mijn 57e heb ik les gegeven. Vorig jaar kreeg ik een nieuwe leidinggevende die me er op wees dat de feedback van de leerlingen was dat ik niet animerend genoeg les gaf. Mijn lessen waren saai en slaapverwekkend. Over de inhoud werd niet geklaagd.” Na dit relaas zuchtte mijn patiënt diep en hij vertelde mij dat hij wel wist dat hij geen entertainer was. Wel een vakman die zijn stof tot in de puntjes beheerste. Daar was dan ook nooit kritiek op geweest.

Toen het feedbacksysteem zes jaar geleden werd geïntroduceerd wist hij niet dat het tot zulke consequenties kon leiden. Van meet af aan bleven zijn scores voor enthousiasmering, contact maken met de lesgroep en dergelijke achter bij zijn vakinhoudelijke beoordeling. Maar dat dit hem zou baan zou gaan kosten, dat had hij niet gedacht.

Hij was ergens blij dat hij van het werk af was. Vroeger stond centraal dat je het vak verstond, tegenwoordig of je de leerlingen weet te boeien. Hij wist van jongs af aan dat entertainen niet zijn sterkste kant was. Hij had wel trainingen gevolgd om zijn les sappiger te maken. Helaas heeft dat onvoldoende resultaat gehad. Zijn oude leidinggevende zag dit door de vingers. Hij had oog voor zijn vakinhoudelijke kwaliteiten en zijn staat van dienst. De nieuwe wilde de naam van de opleiding omhoog krikken en het onderwijs aantrekkelijker maken voor studenten.

We bespraken de veranderende tijd. Hoe docenten vroeger geacht werden boven de stof te staan en studenten deze zich eigen te maken ook als een docent niet erg onderhoudend was. Hoe de opkomst van de feedbackcultuur en de nadruk op animatie de eisen aan docenten veranderde. Hij begreep het best en wilde mede gezien zijn aardige ontslagvergoeding niet mopperen. Bovendien had zijn partner een goed inkomen en had hij maar bescheiden materiële eisen. Maar dat docenten van vakman naar entertainer moesten transformeren, dat zat hem beslist niet lekker. Zo wint het onderwijs aan jeu maar hoe zit het met het behoud van vakmanschap? Hoeveel mensen die zowel kunnen entertainen als het vak beheersen zijn er te vinden voor het onderwijs, wat doet dat met de volgende generatie vakmensen die niet zulke entertainers zijn, zo vroeg hij zich af.